3.2

Voortgang onderzoeken Deltaprogramma 2015

Voor de uitwerking en uitvoering van de deltabeslissingen en voorkeursstrategieën is in DP2015 een aantal vervolgonderzoeken geprogrammeerd. Voor waterveiligheid ging het om:

  • (door)ontwikkeling van gereedschappen en instrumenten;
  • het grondig uitzoeken van optimaliseringsvraagstukken;
  • uitvoering van voorbereidende stappen op projecten (MIRT Onderzoeken) en;
  • het oppakken van fundamenteel onderzoek. 

Voor Ruimtelijke adaptatie werd de ontwikkeling van een aantal ondersteunende instrumenten aangekondigd en geprogrammeerd, zoals het stimuleringsprogramma. Tabel 3 geeft een overzicht van de in DP2015 geprogrammeerde onderzoeken en de – waar nodig bijgewerkte – planning voor de komende jaren voor waterveiligheid en ruimtelijke adaptatie. Deze paragraaf beschrijft vooral de voortgang van de onderzoeken die vorig jaar geprogrammeerd waren en de nieuwe ontwikkelingen in de programmering.

Tabel 3

Programmering onderzoeken voor waterveiligheid en ruimtelijke adaptatie

Waterveiligheid

Voortgang ontwikkeling gereedschappen en instrumenten (101 en 102)
Om op basis van de nieuwe waterveiligheidsnormen te kunnen toetsen en ontwerpen is nieuw toets- en ontwerpinstrumentarium nodig. De ontwikkeling van dit nieuwe wettelijke toets- en ontwerpinstrumentarium (WTI) ligt op schema, evenals de doorontwikkeling van het Deltamodel tot het Nationale Watermodel.

Voortgang optimalisatievraagstukken (111-115)
De verschillende optimalisatievraagstukken – afvoerverdeling Rijntakken, doorwerking systeemwerking Maas, Integrale Veiligheid Oosterschelde, systeemwerking IJsselmeergebied en Maeslantkering – zijn conform de programmering in DP2015 in 2015 opgestart. Resultaten worden gerapporteerd in DP2017.

Voorbereiding op nieuwe projecten (121-124)

Onderzoek en verkenningen rivierverruiming:
Uit de voorkeursstrategie voor het rivierengebied blijkt dat naast dijkversterkingen ook meerdere veelbelovende rivierverruimingsprojecten mogelijk zijn. De Minister van Infrastructuur en Milieu heeft aan het Bestuurlijk Platform Rijn en de Stuurgroep Maas gevraagd om tot een onderbouwd voorstel te komen voor de nadere uitwerking van kansrijke rivierverruimende maatregelen tot circa 2030.

In 2015 wordt met de in DP2015 geprogrammeerde MIRT Onderzoeken toegewerkt naar het al dan niet starten van MIRT-verkenningen voor Varik-Heesselt en Rivierklimaatpark IJsselpoort in samenhang met een afweging van maatregelen op het niveau van de Rijntakken als geheel. Verder worden maatregelen overwogen voor de Merwedes en de Maas. Voor de gebiedsontwikkeling Venlo wordt gestreefd naar besluitvorming uiterlijk in 2016. De deltacommissaris gaat ervan uit dat in 2015 in ieder geval wordt besloten over de hoogwatergeul Varik-Heesselt.

Onderzoek en verkenningen gecombineerde oplossingen Rijntakken
Er zijn vijf kansrijke maatregelen langs de Rijntakken geagendeerd voor de uitvoering van brede gecombineerde oplossingen in de periode tot 2030. Het gaat om vier rivierverruimingsmaatregelen – Varik-Heesselt, Sleeuwijk, Rivierklimaatpark IJsselpoort, Reevediep 2e fase – en om één deltadijk: de Grebbedijk.

Varik-Heesselt:
De provincie Gelderland (opdrachtgever) en het waterschap Rivierenland, de gemeente Neerijnen en het ministerie van Infrastructuur en Milieu werken toe naar besluitvorming over het al dan niet starten van een MIRT-verkenning voor de hoogwatergeul Varik-Heesselt tijdens het Bestuurlijk Overleg MIRT van najaar 2015. Voortvarende besluitvorming over deze maatregel is belangrijk vanwege de nauwe relatie met urgente projecten uit het Hoogwaterbeschermingsprogramma in dit gebied.

Sleeuwijk:
Sinds DP2015 is duidelijk geworden dat het Deltafonds € 4 miljoen bijdraagt aan het doorlaatbaar maken van het zuidelijk landhoofd van de bestaande brug van de A27 over de Boven Merwede. Deze werkzaamheden zijn inmiddels onderdeel van het wegproject A27 Houten-Hooipolder. De planning is dat het bruggenhoofd in 2023 doorlatend is. Verder heeft de provincie Noord-Brabant het initiatief genomen om samen met partijen te onderzoeken of de rivierverruimingsmaatregel nevengeul Sleeuwijk voldoende potentie heeft om een kansrijk project te worden. Onder meer de maatregel zelf, meekoppelkansen, de kosten en cofinanciering worden onderzocht.

Rivierklimaatpark IJsselpoort:
Voor het Rivierklimaatpark IJsselpoort wordt toegewerkt naar een startbesluit in het Bestuurlijk Overleg MIRT in het najaar van 2015 voor een MIRT-verkenning.

Reevediep 2e fase:
Reevediep 2e fase bestaat uit de realisatie van een aantal aanvullende ingrepen aan de inlaat, de keersluizen en aanpassing van de Roggebotsluis. Voor de uitvoering van deze maatregel is in het Deltafonds na 2020 € 121 miljoen gereserveerd. De regio heeft de wens deze 2e fase te versnellen, om zo direct aan te sluiten bij de uitvoering van de 1e fase. Hierdoor zou de aanleg van spuikokers niet langer noodzakelijk zijn en kunnen de kosten van deze geen-spijtmaatregel bespaard worden. De 1e fase is onderdeel van het project Ruimte voor de Rivier IJsseldelta en betreft de ontwikkeling van een geheel nieuwe IJsselarm.

Grebbedijk:
Er is een omgevingsanalyse uitgevoerd naar de mogelijkheid om de Grebbedijk als Deltadijk in te richten. Waterschap Vallei en Veluwe, de provincies Utrecht en Gelderland en de gemeente Wageningen starten een breed onderzoek Grebbedijk naar de mogelijke verbindingen tussen waterveiligheid, natuur, economie en recreatie. De resultaten van dit onderzoek moeten de mogelijkheden van verbreden of versnellen van de Grebbedijk duidelijk maken.

Naast de onderzoeken gericht op maatregelen voor de korte termijn (tot 2030) vindt binnen het Deltaprogramma Rijn nog een aantal gebiedsonderzoeken plaats, gericht op maatregelen op de middellange termijn (2030-2050). Het gaat dan bijvoorbeeld om een brede, gecombineerde oplossing bij Brakel, om maatregelen in het Merwedegebied en om vraagstukken rond het instrumentarium voor ruimtelijke reserveringen voor Rijnstrangen.

MIRT Onderzoek Alblasserwaard
Dit MIRT Onderzoek bouwt voort op de voorkeursstrategie voor de Alblasserwaard en de Vijfheerenlanden en zorgt voor verbinding tussen de ruimtelijke en economische gebiedsagenda en de grote waterveiligheidsopgave in dit gebied, vooral aan de zuidrand van de Alblasserwaard (zie ook paragraaf 2.3.3, Voorkeursstrategie Rijnmond-Drechtsteden). Het onderzoek draagt er ook aan bij dat de benodigde dijkversterkingen die deels na de Vierde Toetsing aan de orde komen voortvarend kunnen starten.

De provincie Zuid-Holland is trekker van het onderzoek, dat samen met het Waterschap Rivierenland, de gemeenten in de Alblasserwaard en de Vijfheerenlanden en het ministerie van Infrastructuur en Milieu wordt uitgevoerd. Het MIRT Onderzoek is in april 2015 gestart. De resultaten worden eind 2016 verwacht, voorafgaand aan de Vierde Toetsing.

Hollandsche IJssel
Het in DP2015 aangekondigde MIRT Onderzoek Hollandsche IJssel is omgezet in het organiseren van een aantal ambtelijke en bestuurlijke afstembijeenkomsten. De scope – een integrale aanpak voor het gehele systeem van de Hollandsche IJssel – is niet veranderd. De gewijzigde aanpak wordt eind 2015 geëvalueerd, waarna het vervolg wordt bepaald.

Onderzoek en verkenningen gecombineerde oplossingen Maas
Er zijn zes kansrijke trajecten langs de Maas geagendeerd voor de uitvoering van brede gecombineerde oplossingen bestaande uit dijkverbeteringen én rivierverruimingen in de periode tot 2030. In de Limburgse Maasvallei is sprake van twee zogenaamde flessenhalzen bij de stedelijke knooppunten Maastricht en Venlo. Voor het traject bij Maastricht, dat wordt getrokken door de gemeente, is de definitiefase gestart en zullen onderzoeken volgen. De gebiedsontwikkeling Venlo wordt eveneens getrokken door de gemeente en kent enkele urgente opgaven. Er bevinden zich onder andere afgekeurde keringen (zie het kader ‘Gebiedsontwikkeling Venlo’, paragraaf 2.3.2). De vier overige riviertrajecten zijn: Oeffelt (rivierverruiming in gebied met natuurwaarden: maasheggenlandschap), Ravenstein (oplossen van hydraulische knelpunten buitendijks), Grave-Lith (weerdverlaging, dijkverbetering en natuurontwikkeling) en ’s-Hertogenbosch-Heusden (Maasoeverpark met o.a. dijkteruglegging). Deze vier trajecten zijn onderdeel van één samenhangende aanpak die getrokken wordt door de provincie Noord-Brabant. Na het doorlopen van deze definitiefase wordt beslist voor welke projecten een verdiepend onderzoek wordt gestart en welke partner dit gaat trekken. 

Voortgang Fundamenteel onderzoek (131 en 132)
Dit onderzoek naar zowel het zandig systeem als het morfologisch gedrag van riviersystemen en de stabiliteit van de splitsingspunten is in 2015 opgestart. Over de eerste resultaten van het rivierkundig onderzoek wordt gerapporteerd in DP2017. 

Daarnaast is met de start van het meerjarige Nationaal Kennis- en innovatieprogramma Water en Klimaat (NKWK) in bredere zin een belangrijke stap gezet om het kennis en innovatievermogen van bedrijven, overheden en kennisinstellingen te bundelen en onderzoeksinspanningen op het gebied van waterveiligheid, zoetwatervoorziening, zee- en kustbeleid en ruimtelijke adaptatie verder te brengen (zie ook paragraaf 6.2, Kennis, markt en innovatie).

Uitkomsten en voortgang onderzoeken ‘slimme combinaties’ voor waterveiligheid (141-143)
Het project Marken is in februari 2015 van de MIRT-onderzoeksfase naar de -verkenningsfase gegaan. Het streven is om in het voorjaar van 2016 het voorkeursalternatief vast te stellen.De MIRT Onderzoeken Dordrecht en IJssel-Vechtdelta worden in het najaar van 2015 afgerond, waarna de vervolgstappen worden bepaald.

Ruimtelijke adaptatie

Centraal onderdeel van de voorgestelde deltabeslissing Ruimtelijke adaptatie is dat Rijk, provincies, gemeenten en waterschappen afspreken waterveiligheid en klimaatbestendigheid integraal mee te wegen bij ruimtelijke ontwikkelingen. De ambitie daarbij is dat in 2020 klimaatbestendig handelen en waterrobuust inrichten integraal onderdeel vormen van het beleid en handelen van deze partijen. Hiervoor is een aantal ondersteunende instrumenten beschikbaar: een stimuleringsprogramma met een bijbehorend digitaal kennisportaal, een handreiking voor ruimtelijke adaptatie en de watertoets. Ook is een programma voor monitoring en evaluatie opgesteld.

Voortgang Stimuleringsprogramma ruimtelijke adaptatie (151)
Het stimuleringsprogramma is opgestart. In 2015 zijn de eerste impactprojecten geselecteerd en is een coördinatie- en adviesteam opgericht (zie ook paragraaf 2.2.3, Deltabeslissing Ruimtelijke adaptatie).

Voortgang nadere gebiedsgerichte uitwerking (161-163)
Voor drie gebieden vindt een nadere gebiedsgerichte uitwerking van waterrobuust en klimaatbestendig bouwen plaats (de tweede laag van meerlaagsveiligheid).

Krimpenerwaard – pilot Ruimtelijk Instrumentarium Dijken:
De pilot Ruimtelijk Instrumentarium Dijken in de Krimpenerwaard vindt plaats in 2015 en wordt onder verantwoordelijkheid van het Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard uitgevoerd. De pilot wordt middels joint fact finding met alle betrokken partijen uitgevoerd. De resultaten worden gerapporteerd in DP2017 (zie ook paragraaf 2.3.3, Voorkeursstrategie Rijnmond-Drechtsteden).

Westpoort:
Voor de gebiedsgerichte uitwerking Westpoort – westelijk havengebied van Amsterdam – is een brede coalitie gevormd van partijen uit de regio en het Rijk. Deze coalitie ontwikkelt gezamenlijk een adaptatiestrategie voor vitale en kwetsbare functies in Westpoort voor de korte en de lange termijn (zie ook kader Waterbestendig Westpoort in paragraaf 2.2.3, Deltabeslissing Ruimtelijke adaptatie). In de loop van 2015 worden verschillende deelsporen nader uitgewerkt, bijvoorbeeld bandbreedtes in overstromingsrisico’s, keteneffecten van een overstroming, ruimtelijke ontwikkelingen en governance/instrumentarium om tot daadwerkelijke implementatie te komen. Hierbij worden bijvoorbeeld de waterketen-assets doorgelicht en op hun kwetsbaarheid geanalyseerd. De Veiligheidsregio Amsterdam Amstelland werkt in 2015 een strategie voor crisisbeheersing uit voor de korte termijn. Deze zal eind 2015 in een bestuurlijke conferentie worden besproken. Begin 2017 zal de adaptatiestrategie Vitaal en Kwetsbaar Westpoort worden afgerond. In DP2017 wordt nader over de voortgang gerapporteerd.

Buitendijks Rijnmond-Drechtsteden:
De gebiedsgerichte uitwerking van Botlek, Merwe-Vierhavens, Noordereiland, businesscase Kop van Feijenoord en de casestudie Crisisbeheersing overstroming zijn gestart (zie ook paragraaf 2.3.3, Voorkeursstrategie Rijnmond-Drechtsteden). Overkoepelende trekker is de gemeente Rotterdam. Per deelproject is één partij trekker en in alle projectteams zijn meerdere disciplines en organisaties vertegenwoordigd, zoals water en ruimte. Alleen de gebiedsgerichte uitwerking voor het historisch havengebied van Dordrecht moet nog worden opgestart. Alle partijen stellen samen een Strategische adaptatieagenda buitendijks op. Rapportage over de resultaten volgt in DP2017.

  1. Instructie gebruik Deltaprogramma 2016
  2. Deltaprogramma in kaart
  3. Inleidende samenvatting
    1. En nu begint het pas echt
  4. Uitwerking en implementatie deltabeslissingen en voorkeursstrategieën
    1. Verankering deltabeslissingen en voorkeursstrategieën
    2. Implementatie van de deltabeslissingen
      1. Deltabeslissing Waterveiligheid
      2. Deltabeslissing Zoetwater
      3. Deltabeslissing Ruimtelijke adaptatie
      4. Deltabeslissing IJsselmeergebied
      5. Deltabeslissing Rijn-Maasdelta
      6. Beslissing Zand
    3. Voorkeursstrategieën
      1. Voorkeursstrategie IJsselmeergebied
      2. Voorkeursstrategie Rivieren
      3. Voorkeursstrategie Rijnmond-Drechtsteden
      4. Voorkeursstrategie Zuidwestelijke Delta
      5. Voorkeursstrategie Kust
      6. Voorkeursstrategie Waddengebied
      7. Hoge Zandgronden
  5. Deltaplan Waterveiligheid
    1. Inleiding
    2. Voortgang onderzoeken Deltaprogramma 2015
    3. Hoogwaterbeschermingsprogramma
    4. Verkenningen
    5. Planuitwerkingen
    6. Realisatie
    7. Beheer, onderhoud en vervanging
  6. Deltaplan Zoetwater
    1. Programmering en voortgang onderzoeken en maatregelen (2016-2021)
    2. Vooruitblik op toekomstige programmering (>2021)
    3. Voortgang andere relevante lopende projecten
  7. Het Deltafonds: financieel fundament onder het Deltaprogramma
    1. Inleiding
    2. De stand van het Deltafonds
    3. Middelen van andere partners
    4. De financiële opgaven van het Deltaprogramma
  8. Organisatie en aanpak van het Deltaprogramma
    1. Werkwijze Deltaprogramma en vervolgorganisatie
    2. Kennis, markt en innovatie
    3. Internationale samenwerking
    4. De systematiek 'meten, weten, handelen'
  9. Bijlagen
    1. Bijlage 1 - Werkwijze voor de Zoetwaterprogrammering
    2. Bijlage 2 - Geactualiseerde kennis- en onderzoeksagenda Zoetwater
    3. Bijlage 3 - Voortgang afspraken vitale en kwetsbare functies
      1. Bijlage 3.1 - Aanpak nationale vitale en kwetsbare functies
      2. Bijlage 3.2 - Voortgang in het eerste verslagjaar - samenvatting
      3. Bijlage 3.3 - Voortgang per functie
    4. Achtergronddocumenten en downloads
    5. Colofon